Wat het getal wél en niet zegt
Wat 500 wél zegt: de legering bevat naar opgave ongeveer 50% goud. Dat is beduidend meer dan 375 of 417 en minder dan 585.
Wat 500 níet zegt: geen leeftijd, geen land, geen makerskwaliteit. Ook zegt het niet automatisch dat het stuk ergens officieel gekeurd is — welke stelsels dit gehalte erkennen verschilt per land en per periode, dus ga daar niet zonder controle van uit.
Verwarring om in de gaten te houden: 500 kan ook als onderdeel van een ander cijfer worden gelezen (bijvoorbeeld een sleets '585' of '800'). Bij een vaag of afgesleten stempel is een macrofoto of loep noodzakelijk voordat je conclusies trekt.
Wat 500 wél zegt: de legering bevat naar opgave ongeveer 50% goud.
In welke landen je dit tegenkomt
Als sieradengehalte is 500 in de gangbare Europese stelsels zeldzaam. Waar je het aantreft, hoort er meestal aanvullende documentatie of een merkteken bij dat het stuk plaatst.
Welke gehaltes een land wél erkent, en welke bijbehorende figuratieve tekens daarbij horen, staat per stelsel beschreven in de verdiepingsgidsen: Nederland, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Duitsland en Oostenrijk.
Omdat 500 zo weinig voorkomt, is de context van het stuk (herkomst, aankoopgeschiedenis, bijbehorende tekens) hier zwaarwegender dan bij courante gehaltes.
Hoe je controleert of de stempel klopt
Controleer eerst of het getal echt 500 is en niet een sleets 585, 800 of 900. Bekijk het stempel met een loep of maak een scherpe macrofoto met zijdelings licht; de stempelwijzer helpt bij de volgorde van beoordelen.
Zoek naar begeleidende tekens: meesterteken, importteken, landsteken of een merknaam. Staat het getal volledig alleen op werk dat als Europees keurwerk wordt aangeboden, dan is dat reden om door te vragen.
Bij aanhoudende twijfel: laat het stuk fysiek beoordelen door een juwelier, of stuur foto's naar de redactie. Zie ook vervalste en misleidende stempels.
En de waarde?
De intrinsieke smeltwaarde van 500 goud is ongeveer de helft van de dagkoers van fijngoud per gram: meer dan 375 of 417, minder dan 585. Dat vormt de vloer onder de waarde.
Omdat het gehalte ongebruikelijk is, wordt de bandbreedte daarboven sterk bepaald door het stuk zelf: maker, periode, ontwerp en of de herkomst goed te onderbouwen is. Zonder die onderbouwing wordt zeldzaamheid van het gehalte in de handel zelden als meerwaarde beloond.
Meer context: wanneer is een sieraad meer waard dan de goudprijs.